Wat mag je lozen, en wat niet?
Toiletwater overboord is verboden. Een vuilwatertank inbouwen is dat niet — en dat verschil verklaart de meeste verwarring over deze regel.
Laurens Leeuwenberg · Docent Klein Vaarbewijs, oprichter Vaarbewijsinstituut
Bijgewerkt 4 augustus 20262 min lezen
Kort antwoord: de inhoud van het toilet mag niet overboord. Het inbouwen van een vuilwatertank is niet verplicht; het lozen is verboden. Gezuiverd toiletwater mag wel, mits de zuiveringsinstallatie een certificaat van typegoedkeuring heeft.
De regel en het misverstand
Sinds het lozingsverbod geldt: geen toiletwater vanaf een pleziervaartuig het water in. Daarnaast schrijft een Europese richtlijn voor dat er een vuilwatertank geïnstalleerd moet zijn — maar die richtlijn geldt alleen voor pleziervaartuigen die in Nederland worden gebouwd of nieuw geïmporteerd, en hij verplicht niet tot het gebruik ervan.
Daar komt de verwarring vandaan. De praktische samenvatting is simpel: hoe je het oplost mag je zelf weten, dat het niet overboord gaat is geen keuze.
De vier oplossingen
- Vuilwatertank. Het toilet loost in een tank, die je bij een uitpompstation in een jachthaven laat leegpompen. De meeste jachthavens hebben er een.
- Chemisch toilet. Goedkoper, neemt minder ruimte in en is te legen op een daarvoor bestemd punt aan de wal.
- Droogtoilet. Scheidt vast en vloeibaar afval; geen tank, geen pomp, geen chemicaliën.
- Vaker aanleggen. Voor dagvaart met een open boot vaak de eenvoudigste oplossing.
Een gecertificeerde zuiveringsinstallatie mag het gezuiverde water lozen, maar is voor de meeste pleziervaartuigen een dure oplossing voor een klein probleem.
Waarom het meer is dan een formaliteit
Nederlandse binnenwateren zijn ondiep en de doorstroming is beperkt. Wat in een jachthaven of een recreatieplas geloosd wordt, blijft daar. Het gaat om zwemwaterkwaliteit en om zuurstof in het water op precies die plekken waar iedereen ligt.
De rest van je afval
Huisvuil, olie, bilgewater met olie erin, restanten verf en oplosmiddelen horen aan de wal in de daarvoor bestemde inzameling. Bilgewater met een olielaagje is geen "beetje water": één liter olie vervuilt een aanzienlijke hoeveelheid oppervlaktewater, en het is zichtbaar — een glanzende vlek achter je boot is de makkelijkste overtreding om vast te stellen.
Op het examen
Het lozingsverbod hoort bij het onderdeel techniek en veiligheid aan boord, samen met uitrusting, brandbestrijding en de accu. Dat onderdeel is goed voor ongeveer 12 van de 80 punten — te weinig om er dagen in te steken, te veel om over te slaan. Zie waar de punten liggen en wat er aan boord moet liggen. Het hele onderdeel staat in les 5 van de cursus Klein Vaarbewijs 1.
Onderwerpen
Verder lezen
- Snelle motorboot of waterscooter: dit is er allemaal verplichtÉén grens van twintig kilometer per uur zet een heel pakket verplichtingen aan. Voor waterscooters en jetski’s gelden bovendien eigen regels.
- Varen bij mist en slecht zichtHet reglement noemt geen aantal meters. Slecht zicht is wat het is — mist, een sneeuwbui, hevige regen — en dan gelden er drie dingen tegelijk.
- Welke lichten voer je 's nachts op een klein schip?Drie toegestane combinaties voor een motorboot, een aparte regeling voor zeilschepen, en één veelgemaakte fout: motor bijzetten verandert je verlichting.
Aanloop
Deze stof zit in het examen
De cursus Klein Vaarbewijs 1 behandelt precies wat het CBR toetst: negen lessen, 2.506 oefenvragen en 29 proefexamens onder examenomstandigheden.