Naar de inhoud

Reddingsvest of zwemvest: het verschil dat telt

Een vest van 50 newton is geen reddingsvest. Het verschil merk je pas op het moment dat je het niet meer zelf in de hand hebt.

Laurens Leeuwenberg · Docent Klein Vaarbewijs, oprichter Vaarbewijsinstituut

Bijgewerkt 4 augustus 20263 min lezen

Kort antwoord: een zwemvest (50N) geeft extra drijfvermogen maar je moet zelf actief blijven bewegen. Een reddingsvest (100N of meer) draait je automatisch op je rug, zodat je luchtwegen vrij blijven — ook als je buiten bewustzijn bent. Alleen dat laatste geldt als goedgekeurd reddingsmiddel.

De vier normen

DrijfvermogenTypeWaarvoor
50N (EN 393)zwemvesthulpmiddel bij zwemmen; niet veilig bij bewusteloosheid
100N (EN 395)reddingsvestbinnenwater, beschut water, lichte kleding
150N (EN 396)reddingsvestruim water zoals het IJsselmeer; ook voor niet-zwemmers
275N (EN 399)reddingsvestopen zee, zware omstandigheden, waterdichte kleding

Tien newton staat voor ongeveer een kilo extra drijfvermogen. In het water weegt je lichaam bijna niets meer; het vest moet vooral je hoofd boven water houden en je draaien. Kijk op het label voor welk gewicht en postuur het vest bedoeld is.

Waarom een zeilpak om 275N vraagt

Val je met een wind- en waterdicht zeil- of regenpak overboord, dan blijft er lucht in het pak zitten. Die luchtbel werkt tegen bij het omdraaien. Een vest van 150N heeft dan te weinig kracht om je op je rug te krijgen; 275N wel. Dat is de reden dat de zwaarste categorie niet alleen voor zee is.

En trek geen laarzen aan aan dek. Lopen ze vol, dan trekken ze je omlaag.

Vaste vulling, halfautomatisch of volautomatisch

  • Vaste vulling. Schuim, werkt altijd, geen techniek die kan falen. Ideaal voor kinderen, waterskiërs en surfers. Nadeel: groot in omvang.
  • Halfautomatisch. Je trekt zelf aan een koord, waarna een CO₂-patroon het vest opblaast. Niet geschikt voor iemand die buiten bewustzijn is — die kan er niet aan trekken.
  • Volautomatisch. Een zouttablet lost op in water en activeert het patroon. Werkt ook als je bewusteloos bent. Wel jaarlijks laten keuren, want je bent afhankelijk van tablet en patroon. Draag hem over je kleding, en weet dat je hem desnoods met de mond kunt opblazen.

Wanneer is een vest verplicht?

Voor de gewone pleziervaart op binnenwater bestaat er geen algemene draagplicht, maar er zijn duidelijke uitzonderingen:

  • Snelle motorboot: voor iedere opvarende een reddingsvest onder handbereik. Een zwemvest of drijfkussen wordt bij controle niet geaccepteerd.
  • Waterscooter of jetski: de bestuurder draagt het vest, altijd.
  • Bedrijfsmatig vervoer: dragen bij het aan en van boord gaan, in de bijboot, bij werk buitenboord en op dekken zonder doorlopende reling of verschansing van 90 centimeter.

Voor alle overige schepen geldt het advies: minimaal één reddingsvest per opvarende aan boord. Reddingsmiddelen horen een opvallende kleur te hebben — oranje of geel — en te voldoen aan de Europese normen, herkenbaar aan de CE-markering.

Het vest dat je niet draagt, helpt niet

De meeste dodelijke ongevallen op het water zijn verdrinkingen na een val overboord, niet aanvaringen. Een vest onder een bank helpt daar niet bij: tegen de tijd dat je het nodig hebt, kun je er niet meer bij. Draag het bij slecht zicht, bij nacht, bij kou, met kinderen aan boord en op ruim water.

Wat je doet als het misgaat, staat in man overboord. Wat er verder aan boord hoort, in wat er aan boord moet liggen. De normen en het verschil tussen zwem- en reddingsvest worden op het examen gevraagd; ze staan in les 5 van de cursus Klein Vaarbewijs 1.

Aanloop

Deze stof zit in het examen

De cursus Klein Vaarbewijs 1 behandelt precies wat het CBR toetst: negen lessen, 2.506 oefenvragen en 29 proefexamens onder examenomstandigheden.