Is er een praktijkexamen voor het vaarbewijs?
Nee. Voor het Klein Vaarbewijs bestaat geen praktijkexamen — en dat verklaart meteen waarom een cursus zich op iets anders moet richten dan varen leren.
Laurens Leeuwenberg · Docent Klein Vaarbewijs, oprichter Vaarbewijsinstituut
Bijgewerkt 4 augustus 20262 min lezen
Kort antwoord: nee. Klein Vaarbewijs 1 en 2 zijn theorie-examens, meer niet. Je hoeft niet aan te tonen dat je kunt afmeren, keren of aanleggen. Alleen voor het Groot Pleziervaartbewijs en voor beroepsvaartbewijzen hoort er wél een praktijkdeel bij.
Wat er wel en niet getoetst wordt
Het examen toetst of je de reglementen kent en of je situaties op het water juist kunt beoordelen: wie moet wijken, wat betekent dat licht, welke ton hoort aan welke kant, wat doe je bij mist. Het toetst niet of je een boot kunt bedienen.
Dat is een bewuste keuze van de wetgever, geen omissie: op het binnenwater zijn de meeste ongelukken terug te voeren op verkeerd inschatten van voorrang, snelheid en zicht — niet op onhandig sturen.
Waar wel een praktijkexamen bij hoort
- Groot Pleziervaartbewijs — voor pleziervaartuigen van 25 tot 40 meter. Theorie op het niveau van het Groot Vaarbewijs, plus een praktijkexamen bij het CBR.
- Beperkt Groot Vaarbewijs — voor bedrijfsmatig gebruikte schepen van 20 tot 40 meter, met praktijk- en theorie-examen en drie jaar aantoonbare vaartijd.
- Groot Vaarbewijs — beroepsvaart, met simulator- en theorie-examen en drie keer 180 vaardagen in een afgestempeld dienstboekje.
Betekent dat dat je zonder ervaring de boot in kunt?
Wettelijk wel. Verstandig niet. Het examen geeft je de regels; het geeft je geen gevoel voor hoe een schip van tien ton reageert als je gas terugneemt, hoe een boot met wind dwars van de steiger wegzet, of hoe hard stroom in een sluis trekt. Een paar uur meevaren met iemand die het kan, of een korte praktijkles, is het verstandigste wat je naast de theorie doet.
Onderwerpen waar theorie en praktijk het dichtst bij elkaar liggen, en die je dus het eerst wilt oefenen:
- schutten in een sluis;
- afmeren met wind of stroom dwars;
- achteruitvaren en schroefeffect;
- iemand overboord terughalen.
De opzet van het theorie-examen
40 vragen, 60 minuten, 56 van de 80 punten om te slagen. Zie hoe het examen eruitziet en hoe je het reserveert. Voorbereiden kan met de online cursus.
Onderwerpen
Verder lezen
- Vaarbewijs 1 of 2: welke heb je nodig?Het verschil zit niet in je boot maar in je vaargebied. Zeven ruime binnenwateren vragen om Vaarbewijs 2 — de rest van Nederland niet.
- Is Vaarbewijs 2 moeilijker dan Vaarbewijs 1?Andere stof, ander type vragen. Wie het lastig vindt, struikelt zelden over de theorie — meestal over het rekenwerk met koersen en getij.
- Vaarbewijs 1 en 2 tegelijk halen: verstandig of niet?Achter elkaar leren scheelt aanloop, maar het zijn twee soorten stof. De vraag is niet of het kan, maar of je vaargebied het tweede vaarbewijs vraagt.
Aanloop
Deze stof zit in het examen
De cursus Klein Vaarbewijs 1 behandelt precies wat het CBR toetst: negen lessen, 2.506 oefenvragen en 29 proefexamens onder examenomstandigheden.